Vermijdbare verkeersdoden
In Nederland sterven jaarlijks gemiddeld ongeveer 625 mensen in het verkeer. Vaak komt dit doordat iemand de controle over zijn voertuig of beweging verliest. Anderen worden daar soms ongewild bij betrokken. Er is de afgelopen decennia veel gedaan om belangrijke oorzaken van ongevallen te verminderen, zoals betere voertuigen en veiligere wegen. Daar is nog maar weinig winst te behalen. Wat overblijft, is het gedrag van de bestuurder. Als we dat kunnen veranderen of zelfs uitschakelen, kan het aantal verkeersdoden sterk dalen. We zijn het daar vaak wel over eens, maar willen we er écht alles aan doen om dat te bereiken? Het lijkt er niet op.
Feiten over verkeersdoden

Vergeleken met andere landen doet Nederland het relatief goed. In omringende landen ligt het aantal doden ongeveer 30% hoger. Sinds de jaren ’70 is het aantal verkeersdoden in Nederland gedaald, ondanks de toenemende drukte op de weg. Sinds 2010 is dit aantal echter gestabiliseerd.
Fietsers en automobilisten zijn het vaakst slachtoffer, met ieder ongeveer 250 doden per jaar. Opvallend is dat fietsers vaak overlijden door een botsing met een automobilist. De automobilist is daarom de grootste veroorzaker van dodelijke ongevallen. Training, voorlichting en straffen voor automobilisten lijken weinig extra effect meer te hebben. De meest logische vervolgstap is daarom: de bestuurder uit het proces halen, via autonoom rijdende voertuigen (autopilot).
Feiten over experimenten met autonoom rijden
Veel initiatieven gaan uit van zelfrijdende taxi’s (robotaxi’s). China heeft projecten in zeker 20 grote steden. Daar zijn de omstandigheden gunstig: er is politieke steun, veel elektrische auto’s en de kosten zijn laag. Grote spelers zijn Baidu en WeRide. Zij krijgen veel ruimte om ervaring op te doen.
Ook in de Verenigde Staten lopen zeker tien proeven, onder andere van Tesla, Waymo (Alphabet) en Zoox (Amazon).
Europa loopt duidelijk achter. In Duitsland mag Mercedes op één specifiek stuk snelweg testen. In Nederland zijn er alleen kleine experimenten met zelfrijdende bussen. Grootschalige proeven met autonoom rijdende auto’s worden hier waarschijnlijk niet vóór 2027 toegestaan.

Waarom moeten er nog zoveel doden vallen?
Wachten met testen tot 2027 betekent dat er hier nog honderden vermijdbare verkeersdoden zullen vallen. Waarom en wat zit hier achter?
1. Selectieve berichtgeving
Verkeersdoden zijn helaas dagelijkse kost en daardoor geen nieuws. Een dode door een zelfrijdende auto haalt echter wel de voorpagina. We accepteren met zijn allen een vervoerssysteem waarin menselijke bestuurders dagelijks dodelijke ongevallen veroorzaken. Bij ongelukken met autopilot accepteren we dat niet en zijn we wél streng. Die ambivalente houding zien we terug bij beleidsmakers: zij lijken de urgentie niet te voelen.
2. Angst voor fouten
We zijn bang om fouten te maken en verantwoordelijkheid te dragen. Niemand wil negatief in het nieuws komen. Daardoor kiezen we liever voor kleine, veilige experimenten dan voor grotere stappen die uiteindelijk veel meer levens zouden kunnen redden. Wetenschappelijk onderzoek ondersteunt dit verschijnsel.
3. Zelfoverschatting
Veel mensen denken dat zij beter kunnen rijden dan een autopilot. Het voelt onprettig om de controle uit handen te geven.
4. Aangeleerde twijfel
Autofabrikanten hebben in het verleden te vaak beloofd dat autonome technologie “bijna klaar” was en deadlines niet gehaald. Daardoor zijn mensen sceptisch geworden. Betere communicatie is nodig.
Zijn deze angsten terecht?
Tot voor kort waren die zorgen begrijpelijk. De technologie was nog niet goed genoeg.
Maar de ontwikkelingen gaan extreem snel. De rekenkracht van datacenters stijgt explosief en de systemen verbeteren daardoor snel. Denk aan ChatGPT: twee jaar geleden kenden de meeste mensen het niet, nu gebruiken velen het dagelijks. Bij autonoom rijden zien we dezelfde trend. Er is nu volop:
- enorme hoeveelheden praktijkdata uit vele autoritten
- rekenkracht in centrale computers
- kunstmatige intelligentie
- snelle computers in de auto
Daardoor is angst voor de autopilot inmiddels niet langer rationeel. Wat vroeger nuttige voorzichtigheid was, zit ons nu in de weg. Daniel Kahneman noemt dit een bias. Binnen Brain Based Safety noemen we dit een “kronkel”: iets wat ooit nuttig was, maar ons nu belemmert.
Waar wachten we nog op?
Het belangrijkste dat nog nodig is, is opschalen van praktijktesten. We moeten vertrouwen opbouwen door ervaring. Daarvoor moeten we fouten durven maken en leren in de praktijk. We moeten beleidsmakers aansporen moed te tonen en sneller door te pakken. De paradox is dat voorzichtigheid nu juist doden kost: Elke dag dat we wachten, vallen er slachtoffers die anders te voorkomen waren. Kortom: We moeten ook naar onszelf kijken. We moeten ook de “kronkels” in onze eigen automatische piloot herprogrammeren, ook al voelt dat spannend.
Juni Daalmans
November 2025


